maandag 5 maart 2012

Moui.

En inene brak de grond in tweeën, precies tussen haar benen.
Ze keek naar beneden, zag zwart en zwart alleen -of toch even een sprankje?
Links en rechts niet veel meer van dat wat was was overgebleven -na al dat beven.
Wat anders kon ze doen dan Alice achterna -en dan zien?
Dus keek ze nog even naar de evenaar en bracht toen prompt haar benen bij elkaar, met rechts Japan -en links van haar Amerika.

Geen potjes en briefjes bij de val, geen kastjes met laatjes, niets van dat al.
Haar haren leken naar boven te willen grijpen, haar tenen trokken haar juist neer.
"Niets nieuws onder de zon," zei ze terwijl ze viel en viel, "maar dit heb ik nog nooit meegemaakt!"
En jij, heb jij ooit gehoord van een meisje dat tussen twee aardplaten in naar -ja, waarheen eigenlijk tuimelt zij?

Eerst rook ze nog grond rondom en in de valwind, nu rook ze niets meer.
Evenveel eigenlijk als dat ze zag.
"Laat staan proeven," vulde ze haar eigen gedachten aan.
Het was de allereerste keer dat ze "laat staan" in een zin gebruikte. En dat terwijl ze viel. Ze voelde zich er gewichtig door. Zó gewichtig dat ze er sneller van leek te vallen, dus probeerde ze gauw weer aan iets luchtigs te denken.
"Progrestaart! Progrestaart!"
De taart die ze altijd bij oma kreeg.
Nu leek het wel een spreuk van een hogepriesteres, al was het dan wel een beetje een gekke. Maar! Hij leek te werken.

Haar neus, haar ogen, haar tong, niets ving nog iets op.
Ja, de suiswind langs haar huid en oren.
"Aarde!" riep ze een paar keren in de rondte. "Aarde!"
Waar was die gebleven, nog altijd om haar heen?
Aan haar vallen kwam geen einde, op haar roep klonk geen repliek.
Zo gebeurde in dit verhaal niet veel meer dan alleen haar vallen, tot ver onder haar een volgroen lichtje scheen -en toen nóg één.

Daarna voelde zij zich een soortement gedragen.
Vallen deed ze altijd nog, alleen was het nu alsof ze bovenop een parachute zat. Een doorzichtige dan, want de twee groene lichtjes benee' leken haar val te volgen, haar niet los te laten.
Misschien dempte dit ogenblik haar val.
"Aarde?" probeerde ze het nog eens.

"Dappere dame," hoorde ze, als was ze in een enorme kathedraal, "dat is één van mijn namen."
Ze klonk niet als oma; Aarde. Nee, meer als een stem die ze héél lang was vergeten.
Twee windvingers plukten haar uit haar val. Ze voelde zich neergezet, haar voetzolen vonden ondergrond, terwijl onder haar de lichtogen zich even sloten en bij het weer openen zomaar naast haar stonden.

Het groen kleurde ook haar witte jurk lichtgroen.
"Ben ik nog altijd in u?" vroeg ze op haar zachtst aan Aarde.
De lichtrondjes tegenover haar vormden zich even tot ovaaltjes en er klonk een gniffel. Met daarna een echo van een gniffel en een echo van een echo van een gniffel. En een echo van een echo van een echo van een gniffel.
"Ja, Moui, jij bent nog altijd in mij. Ben ik ook nog altijd in jou?"
"Ik denk het wel ja. Ja, u bent ook in mij."
"Hoe weet je dat, Moui?" vroeg Aarde en sloot haar ogen.

Ja, hoe wist ze dat?
Tellen lang was het weer stikdonker. En stil.
Moui schaamde zich niets te kunnen verzinnen.
Ja, wel verzinnen, maar dan zou het verzonnen zijn.
Toen zei ze maar: "Dat weet ik niet."
Wat zou er nu gebeuren? Zou Aarde haar uitspugen? Zou ze haar erom laten vallen?

"Dat kun jij inderdaad niet weten, lieve Moui," in fluister.
"Ik weet niet hoe, maar ik weet wel dát," zei Moui daartegen.
"Wat deed je springen, mensenmeisje?"
"Het was niet leuk meer daar, Aarde. Alles ging kapot."
"Niet leuk meer. Hmm," en de mmmm gonsde nu mmmm om en door Moui's oren mmm.
"En toen liet je je vallen?"
"Ja, maar alleen omdat dat kon."
"Wat had je anders gedaan?"
"Dat weet ik óók niet."
Dit keer ging Aarde daar niet mee akkoord.
"Dat weet je wel."
Duister.
"Echt niet!" probeerde Moui.
Duisternis. En stilte. Alle eerdere echo's waren afgedropen.

Moui voelde hoe haar blik omhoog ging, hopend dat ze daar iets opving, maar nee.
Haar linkerhak zakte in iets weg, onder haar rechterbeen leek de ondergrond het nu ook te gaan begeven. Misschien moest ze nu toch snel een antwoord geven. Of wilde ze verder in het zwarte zakken?
Zeg iets, krrr!, weet iets, rrrak!, bedenk iets ongelofelijk slims, kràààà!, vergeet dat je niks weet! kkk!

"Progrestaart!"
aard! aard! aard! aard! echo... ogen open... In vaart een groene legerwagen op haar af. En alles om haar heen nog altijd -of opnieuw gebroken, met rechts Japan -en links van haar Amerika.
Was dat het juiste antwoord?
Autoportier open, soldaat naar haar toegelopen.
"Tsunami! Tsunami!" greep een ruwe hand Moui bij haar linker arm de Jeep in, scheurde van de scheur vandaan, gevolgd door groene ogen.


pepé: lettermenger.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten